Tamelijk aktueel met de misschien nakende BTW verlaging in het vooruitzicht :
Van de website van de overheid : hoe de BTW officieel berekend wordt…en dit is slechts de toelichting
TOELICHTING BIJ HET BEREKENINGSBLAD VOOR CAFEHOUDERS
1. Onder de rubriek I. A, wordt per biersoort aangekocht in vaten het aantal glazen berekend dat getapt wordt uit 1 liter. Die berekening wordt verricht op de wijze aangeduid op blz. 5 van de forfaitaire regeling.
2. Wanneer de prijstabel een verschillende prijs aanduidt voor het in glazen van 33 cl en in glazen van 25 of 20 cl geserveerd bier is de eenheidsprijs (inclusief BTW en het eventuele bedieningsgeld).
bij gebruik voor 90 tot 100 pct. van glazen van 33 cl : de voor de glazen van 33 cl aangeduide prijs;
bij gebruik voor 90 tot 100 pct. van glazen van 25 of 20 cl : de voor de glazen van 25 of 20 cl aangeduide prijs;
bij gebruik voor meer dan 50 pct., zonder 90 pct. te bereiken, van glazen van 33 cl : de voor de glazen van 33 cl aangeduide prijs verminderd met 1/3 van het prijsverschil tussen de glazen van 33 cl en van 25 of 20 cl;
bij gebruik voor meer dan 50 pct., zonder 90 pct. te bereiken, van glazen van 25 of 20 cl: de voor de glazen van 25 cl en 20 cl aangeduide prijs
vermeerderd met 113 van het prijsverschil tussen de glazen van 33 cl en van 25 of 20 cl;
bij gebruik van 50 pct. van glazen van 33 cl en van 25 of 20 cl : het gemiddelde van de aangeduide prijzen van de glazen van 33 cl en van 25 of 20 cl.
Opmerking:
Indien op de prijstabel drie verschillende prijzen worden aangeduid voor het glazen van 33 cl, 25 cl en 20 cl geserveerd bier, dan zal de eenheidsprijs worden bepaald met inachtname van bovenstaande gegevens en rekening houdend met de prijzen aangeduid voor de glazen van 33 cl en 25 cl.
3. De flessen van dezelfde inhoud en met dezelfde eenheidsprijs per consumptie mogen gegroepeerd worden.
4. Voor de flessen van 2/3 l : 2 consumpties in glazen van 33 cl of
2,5 consumpties in glazen van 25 cl.
Voor flessen van 3/4 l : 2,5 consumpties in glazen van 33 cl of
3 consumpties in glazen van 25 cl.
5.
Voor flessen van 2/3 l :
Voor flessen van 3/4 l :
Voor flessen van 90 cl tot 1 l :
Voor flessen van 1,5 l :
3 consumpties per fles
4 consumpties per fles.
5 consumpties per fles.
8 consumpties per fles.
6. Het aantal consumpties wordt berekend op volgende wijze:
voor wijn :
6 consumpties per fles van 70 cl.
8 consumpties per fles van 1 l.
voor porto : 9 consumpties per fles van 72 cl.
voor aperitieven : 9 consumpties per fles van 72 cl.
voor sterke dranken : 20 consumpties per fles van 1 l
97 cl
96 cl
15 consumpties per fles van 75 cl
70 cl
10 consumpties per fles van 50 cl
7.
Het aantal consumpties wordt berekend op
70 filters per kg koffie;
142 expresso’s per kg koffie;
175 koppen per kg koffie.
8.
Het aantal consumpties wordt berekend op 100 consumpties per liter.
9.
Hieronder kunnen gerangschikt worden : chocolade, wafels, chips, chewing-gum, suikerwaren, allerlei worsten, aangekocht ijs zonder bereiding, pekelharing.
10.
Frisdranken en spuitwater getapt door middel van post- en premixinstallaties.
a) TYPE POSTMIX.
1. Belastbare opbrengst frisdranken. De belastbare opbrengst van het serveren van frisdranken wordt bekomen door, per dranksoort, het aantal aangekochte vaten te vermenigvuldigen met het aantal consumpties per vat en met de eenheidsprijs per glas. Het aantal consumpties bedraagt:
per vat van : 20 l 10 l 5 l
gebruikte glazen
18 cl 665 330 165
20 cl 600 300 150
25 cl 480 240 120
2. Belastbare opbrengst spuitwater. De belastbare opbrengst van het serveren van spuitwater wordt bekomen door het aantal verbruikte liters water (verschil meterstand van de waterteller begin en einde kwartaal), te verminderen met 75 liter spoelwater en het aantal liters water toegevoegd aan de siropen, en dit verschil te vermenigvuldigen met 5 en de eenheidsprijs per glas ± 20 cl.
b) TYPE PREMIX.
De belastbare opbrengst van het verschaffen van frisdranken getapt door middel van premixinstallaties wordt bekomen door, per dranksoort, het aantal aangekochte liters frisdranken te vermenigvuldigen met 5 en de eenheidsprijs per glas van ± 20 cl.
Op de aldus bekomen opbrengst is een vermindering van 1 pct. toegestaan wegens de aard van de installatie.
11.
De ontvangsten bedoeld in de rubrieken XII en XIII komen voort van handelingen door de caféhouder verricht in de uitoefening van zijn beroepswerkzaamheid maar waarvoor er geen verplichting tot uitreiking van facturen bestaat. Deze ontvangsten zijn niet forfaitair geregeld. Indien het totaal van deze ontvangsten per kwartaal geen 5.000,00 EUR (bedieningsgeld en BTW inbegrepen) overschrijdt, mogen deze globaal worden geraamd door de belastingplichtige die desgevallend een afzonderlijke raming maakt per groep van handelingen (rubrieken XII en XIII). Indien deze ontvangsten hoger liggen dan 5.000,00 EUR per kwartaal moeten deze van dag tot dag worden ingeschreven in een dagboek van ontvangsten waarin per groep van handelingen (rubrieken XII en XIII) een kolom wordt geopend. Daar deze ontvangsten ook de BTW begrijpen, moeten deze worden vermenigvuldigd met 100/121 om de belastbare bedragen vast te stellen.
12.
Wat de handelingen betreft die onderworpen zijn aan de BTW maar niet forfaitair geregeld zijn (bv. verkoop van bedrijfsmiddelen), moet het belastbaar bedrag voor deze handelingen rechtstreeks in de roosters 01 tot 03 van de aangifte worden ingeschreven samen met het bedrag dat uit onderhavig berekeningsblad wordt overgedragen.
13.
De per kwartaal door het gezin verbruikte hoeveelheid vatbier van gewone kwaliteit (soort Pils) wordt als volgt bepaald :
75 l per kwartaal voor de uitbater;
75 l per kwartaal voor de echtgeno(o)t(e);
25 l per kwartaal voor het eerste kind ten laste;
12,5 l per kwartaal en per persoon, voor ieder ander persoon ten laste van het gezin.
Het verbruik voor elk personeelslid vastgesteld op maximum 1 l vatbier van gewone kwaliteit (soort Pils) per werkelijk gepresteerde, volledige werkdag (het aantal werkdagen wordt bepaald op zicht van de documenten die zijn opgesteld inzake sociale zekerheid). Dit verbruik is in mindering te brengen van de aangekochte hoeveelheden begrepen in de berekening van kader I. B (vaten). Indien tijdens het kwartaal geen vatbier werd aangekocht of indien de hoeveelheid ingekocht vatbier kleiner is dan het hierboven vermelde verbruik, moet dat verbruik worden omgezet in flessen bier (1/4 of 1/3 l) van gewone kwaliteit en in mindering worden gebracht van de aangekochte hoeveelheden begrepen in de berekening van kader II (flessen).
Het verbruik door het gezin dient te worden vermeld in kader XIV waar het aantal verbruikte liters dient te worden vermenigvuldigd met de aankoopprijs per liter (exclusief BTW), bedrag hetwelk moet worden belast tegen het BTW-tarief van 21 pct.
14.
Verlies bij het tappen van vatbier.
Het aanvaarde verlies op alle vatbier bedraagt 4 pct. (uitgedrukt in liter) van de tijdens het kwartaal aangekochte hoeveelheid vatbier. Dit verlies is in mindering te brengen van de aangekochte hoeveelheden begrepen in de berekening van kader I. B. (vaten).
Das wel duidelijk dacht ik. Kafka blijft aktueel.
laten we vooral onderstaande vrijstellingen noteren:
“75 l per kwartaal voor de uitbater;
75 l per kwartaal voor de echtgeno(o)t(e);
25 l per kwartaal voor het eerste kind ten laste;
12,5 l per kwartaal en per persoon, voor ieder ander persoon ten laste van het gezin.
Het verbruik voor elk personeelslid vastgesteld op maximum 1 l vatbier van gewone kwaliteit (soort Pils) per werkelijk gepresteerde, volledige werkdag … ”
schol!